SIMONE VAN OLST
  • Home
  • Beelden
    • Beelden 1
    • Beelden 2
    • Beelden 3
    • Exposities
    • Werk in opdracht
  • Workshops
    • Bedrijfsworkshop
    • Studenten
    • Lezingen met workshop >
      • Masterclass: Schets naar Beeld
      • Masterclass: Chaos Schriftje methode
      • In de voetsporen van Henry Moore
      • Metamorfose volgens Arp
      • De natuur volgens Barbara Hepworth
      • Revolutie in Vorm
    • Groepsworkshops
    • Thematische verdiepingsworkshops >
      • Masterclass: Botanisch beeldhouwen 5 dgn
      • Masterclass: Anatomische torso 5 dgn
      • Natuurlijke vormen
      • Organische vormen
      • Torso uit ruwe vorm
      • Uit je Bolletje
      • Schaal maken
      • Vogel maken
      • Beeldhouwen tijdens Kerst
    • Wiskundige verdiepingsworkshop >
      • Masterclass: Drieknoop (Lemniscaat)
      • Binnenstebuiten: Dubbele Hol & Bol
      • Dubbele Lemniscaat
      • Modulelessen: Verdieping
      • Möbiusband één draai
      • Möbiusband vier draai
      • Open Olöide
    • Boek jouw creatieve zaterdag
  • Cursussen
    • Informatie cursussen >
      • Kies jouw strippenkaart!
      • Boek jouw proefles!
    • Ontdek Alex & Simone Unlimited
    • Mastermind: Masters in Steen
    • Winteracademie
    • Zomeracademie
  • Agenda
  • Blogs
  • Boeken
    • Natuur beeldhouwen in steen
    • De kunst van anatomisch beeldhouwen
    • Ontdek: Schets naar Beeld
  • Webshop
    • Cadeaubon
  • Contact
    • Projecten >
      • Publicaties
    • Inspiratienieuws
    • Over ons >
      • Openingstijden
      • Vakantieschema
      • Vacatures
      • ​Beeldhouwwerk voor film, TV en producties
      • Groendecorateurs
    • Veel gestelde vragen
    • Winkel, materialen & service
    • Algemene voorwaarden >
      • Privacyverklaring
      • Cookieverklaring

Marmer en meesterschap: een zondagse ontdekking in het Petit Palais

26/5/2026

0 Opmerkingen

 
Na onze serene ochtend bij de Orangerie wandelen we onder de stralende Parijse zon langs de Seine. We lopen langs de Pont Alexandre III, die met zijn vergulde beelden en lantaarns glinstert in het licht, richting een architectonisch juweel: het Petit Palais. Dit 'kleine paleis' doet zijn naam eigenlijk tekort; het is een overweldigend eerbetoon aan de kunst en de stad Parijs.
Een architectonisch drieluik voor de wereld
Het is fascinerend om te bedenken dat de plek waar we nu lopen, het hart vormde van de prestigieuze Wereldtentoonstelling van 1900. Het Petit Palais werd niet als een losstaand gebouw ontworpen, maar als onderdeel van een grootschalig architectonisch ensemble. Samen met het imposante Grand Palais aan de overkant van de straat en de rijk gedecoreerde Pont Alexandre III, vormde het een nieuwe as in de stad die de moderniteit en de grandeur van Frankrijk moest uitstralen. Deze drie bouwwerken werden gelijktijdig opgetrokken om de miljoenen bezoekers van de tentoonstelling te imponeren en de verbinding tussen de Champs-Élysées en de Invalides te vieren. Voor ons als beeldhouwers is deze combinatie een visueel feest: overal waar je kijkt zie je hoe architectuur en beeldhouwkunst versmelten tot één groot eerbetoon aan de menselijke creativiteit.
schilderij kunst bezoeker kijker
muur met schilderijen expositie
sculptuur in kunstgalerij bezoeker
De geboorte van een persoonlijke collectie
De geschiedenis van de collectie van het Petit Palais vertelt het verhaal van een stad die haar artistieke ziel wilde vastleggen. De basis werd gelegd tijdens de Wereldtentoonstelling van 1900, toen de stad Parijs besloot een permanente kunstcollectie op te bouwen. Wat deze verzameling echter haar unieke karakter en enorme diepgang geeft, is de reeks omvangrijke schenkingen door particuliere verzamelaars. De belangrijkste was die van de broers Auguste en Eugène Dutuit in 1902, die het museum verrijkten met zeldzame manuscripten en antiek. Later volgde de schenking van Edward Tuck en Julia Stell met verfijnde 18e-eeuwse kunst. Een van de meest opvallende toevoegingen kwam van Georges Hoentschel, die het werk van zijn vriend Jean-Joseph Carriès aan het museum naliet. Deze opeenvolgende giften hebben ervoor gezorgd dat het Petit Palais voelt als een persoonlijke verzameling die de smaak van bevlogen kunstliefhebbers uit het verleden weerspiegelt.
De onheilspellende kracht van Carriès
Binnen de collectie is het werk van Carriès een absolute "showstopper". Zijn schilderij "La Mort de Sainte-Gudule" (De dood van de Heilige Goedele) uit 1891 is bizar goed, niet alleen door de techniek, maar vooral door de onheilspellende, bijna surrealistische sfeer. Carriès, die ook beeldhouwer en keramist was, toont de patrones van Brussel omringd door een wolk van schedels en engeltjes. De enorme goudkleurige lijst, versierd met doodskoppen, is een integraal onderdeel van het kunstwerk. Het voelt als een duister altaarstuk waarin de grens tussen leven en dood vervaagt. Dat dit werk hier hangt dankzij de schenking van Hoentschel is een zegen voor het museum; het geeft een uniek inzicht in de overgang naar het symbolisme.
De bel-etage: de hand van de meester in gips
Boven, op de hoofdetage, word je direct gegrepen door de grootsheid van de architectuur met haar gewelfde plafonds. Hier vind je de collectie uit de 18e en 19e eeuw. Wat voor ons vakmanschap goud waard is, is de aanwezigheid van de gipsen modellen van grote meesters. In het gips zie je de hand van de kunstenaar nog beter dan in het uiteindelijke brons of marmer; je ziet de vingerafdrukken, de zoektocht naar de vorm en de eerste aanzet van een beweging.

Een van de absolute hoogtepunten is het werk van Jean-Baptiste Carpeaux. Zijn sculpturen springen eruit door een bijna ongekende dynamiek. De manier waarop hij vlees, emotie en beweging in gips wist te vangen, is adembenemend. Als je goed naar de details van de spieren en de intense expressie in de gezichten kijkt, voelt het alsof de beelden elk moment kunnen gaan ademen. Verderop in de zalen word je geconfronteerd met de meesters Dalou en Rodin, waar je de spannende overgang naar de modernere beeldhouwkunst kunt voelen.
standbeeld vrouw steen
standbeeld torso steen
sculptuur vrouw steen
Jules Dalou en de waardigheid van de arbeid
Wat ons dit keer echt in het hart raakte, was het werk van Jules Dalou. Deze politiek geëngageerde beeldhouwer brak met de academische traditie en koos er bewust voor om 'gewone' mensen te verbeelden. In een tijd waarin kunst vaak over de adel ging, maakte hij beelden en schilderijen van echte werkers: vrouwen die zware manden vis of brood dragen. Deze werken zijn bizar mooi; ze tonen de waardigheid van arbeid zonder deze te verbloemen. Voor Dalou was de werkende mens de ruggengraat van de maatschappij. Zijn beelden van de werkende vrouw zijn zo krachtig omdat ze geen medelijden opwekken, maar ontzag voor de kracht van het dagelijks bestaan en de eerlijkheid van het ambacht.
De benedenverdieping: stilte en ingetogenheid
Als we de trap afdalen naar de benedenverdieping, maken we een reis terug in de tijd naar de Oudheid en de Renaissance. De diepte die je hier vindt, zit in de verstilling van de vormen. Het is fascinerend om te zien hoe de technieken die wij nu nog steeds gebruiken in het atelier al duizenden jaren geleden tot in de perfectie werden beheerst.

Op deze verdieping werden we ook overvallen door het beeld van Jeanne d’Arc van Henri Chapu. Dit werk is prachtig in zijn eenvoud. Chapu koos niet voor Jeanne als strijdbare ridder in harnas, maar als eenvoudig herdersmeisje op het moment dat ze voor het eerst de hemelse stemmen hoort. De kracht van dit werk zit in de psychologische diepgang; de zwaarte van haar rustieke kleding contrasteert prachtig met de spirituele lichtheid in haar gezicht. Het is een herinnering dat ware kracht vaak van binnenuit komt en dat je geen grote gebaren nodig hebt om een monumentale impact te maken.
trap met sculptuur petit palais parijs
De verborgen tuin in restauratie
Helaas was tijdens ons bezoek de beroemde binnentuin gesloten vanwege grootschalige restauratiewerkzaamheden. Hoewel we er alleen door het glas een glimp van konden opvangen, zag het er geweldig uit met die halfronde zuilengang en de mozaïekvloeren. De restauratie getuigt van de enorme zorg die Parijs draagt voor haar erfgoed. Het herinnert ons eraan dat ook architectuur — net als de stenen beelden in ons atelier — constante aandacht en liefde nodig heeft om haar glans te behouden voor de generaties na ons. We hebben nu al een reden om weer terug te keren!
Bezoekersinformatie: Petit Palais
  • Adres: Avenue Winston Churchill, 75008 Parijs.
  • Bereikbaarheid: Metrostation Champs-Élysées - Clemenceau (lijn 1 en 13).
  • Openingstijden: Dinsdag tot en met zondag van 10:00 tot 18:00 uur. Maandag gesloten.
  • Toegang: De vaste collectie is gratis te bezoeken.
0 Opmerkingen

De dualiteit van de beitel: vrijheid, techniek en de zoektocht naar jouw stem

25/5/2026

0 Opmerkingen

 
​In de vijfentwintig jaar dat Alex en ik, Simone van Olst, ons atelier aan de Kenauweg in Leiden runnen, hebben we duizenden creatieve processen van dichtbij mogen begeleiden. We zagen makers binnenkomen met een strak omlijnd plan die transformeerden tot intuïtieve kunstenaars. Tegelijkertijd zagen we vrije geesten worstelen met de grillen van de steen totdat ze rust vonden in een wiskundige methode.

De meest fundamentele vraag die elke cursist bezighoudt, is de keuze van de weg. Ga je vrij te werk of kies je voor de technisch planmatige route? Deze keuze is geen simpele kwestie van zwart of wit. Het is de essentie van jouw makerschap en de sleutel tot hoe wij jou optimaal kunnen begeleiden. In deze blog ontleden we de filosofie van het maken en onderzoeken we waarom het essentieel is dat jij durft aan te geven welke weg je wilt bewandelen. Aan de Kenauweg draait het namelijk niet om onze smaak, maar om jouw proces en een resultaat waar jij trots op bent.
De intuïtieve reis: dansen met het onbekende
Vrij werken wordt vaak gezien als de hoogste vorm van expressie. Je pakt een ruw blok marmer of een translucente albast uit de Samstone shop en je begint simpelweg. Zonder tekening, zonder kleimodel en zonder meetlat. Voor de intuïtieve maker is de steen een levend wezen dat antwoorden geeft. Elke slag van de hamer is een vraag en elke splinter die wegvliegt is een antwoord.


Dit proces vraagt om een enorme mentale lenigheid en het vermogen om de controle volledig los te laten. Het grote voordeel hiervan is de organische eerlijkheid. Omdat er geen vooropgezet plan is, kan de vorm zich aanpassen aan de innerlijke logica van het materiaal.
​

Toch is dit technisch gezien vaak de moeilijkste weg. Zonder plan heb je geen vangnet. Als je bij een torso te veel weghaalt, kun je dat niet meer herstellen. Je ruimtelijk inzicht moet constant op scherp staan. Wanneer jij kiest voor de vrije weg, fungeren wij als jouw externe geheugen en ruimtelijke kompas. We wijzen je op de consequenties van je keuzes en bewaken het proces zodat jouw intuïtie niet strandt in technische onmogelijkheden.
De planmatige route: de architect van de steen
Aan de andere kant van het spectrum vinden we de technisch punctuele benadering. Dit is de weg van de ratio, de wiskunde en de pure beheersing. De creativiteit zit hier vooral in de voorfase. Je maakt gedetailleerde schetsen en bouwt een model op schaal in klei of was. In het atelier gebruik je vervolgens passers en schuifmaten om je ontwerp exact over te zetten op de steen. Je dwingt de materie om de vorm aan te nemen die jij hebt bedacht.

Deze methode geeft een enorme rust. Het biedt een structuur die juist vrijheid kan geven. Je hoeft niet meer te twijfelen of een bepaalde verhouding wel klopt, want je hebt het immers gemeten. Dit proces is perfect voor complexe vormen zoals de Drieknoop.
​
In deze route veranderen wij in technische coaches. Alex helpt je bij de precisie van de overdracht en het gebruik van de punteermachine. Ik help je bij de vertaling van anatomische markers naar de harde steen. We bewaken de discipline en trekken je terug naar je plan als de metingen slordig worden, want bij deze methode is de integriteit van het ontwerp heilig.
drieknoop beeld steen
De dialoog: meegaan met de vorm
Tussen deze uitersten ligt een vruchtbare middenweg: werken met een plan, maar met de bereidheid om dat los te laten. Je begint met een basis, maar tijdens het hakken ontdek je een prachtige kleur of een onverwachte holte in de steen waardoor je besluit af te wijken. Je bent de regisseur die zijn script aanpast aan de acteurs.
​

Dit dynamische proces vraagt om zelfvertrouwen en het vermogen om je ego opzij te zetten. Soms heeft de natuur immers een beter idee dan de maker. In deze modus zijn Alex en ik op ons best als sparringpartners. We gaan de dialoog met je aan en bespreken de voor- en nadelen van een koerswijziging. Het is een proces van constante bijsturing, gebaseerd op diep respect voor zowel jouw visie als de eigenzinnigheid van het materiaal.
Waarom jouw keuze ons proces bepaalt
Wij kunnen alleen optimaal functioneren als we weten wat jij nodig hebt. Als wij denken dat je technisch wilt werken terwijl je eigenlijk wilt vliegen op je intuïtie, ontstaat er frictie. Daarom vragen we je aan het begin van de 
Zomeracademie of een lessenreeks altijd hoe je het wilt aanpakken.
​
  • De intuïtieve zoeker. We geven je de ruimte, observeren van een afstandje en grijpen alleen in als het technisch gevaarlijk wordt.
  • De technische bouwer. We zitten er bovenop, controleren je lijnen en dagen je uit om de precisie nog verder te drijven.
  • De ontdekkingsreiziger met kaart. We wandelen met je mee en zoeken samen naar de mooiste balans tussen controle en overgave.

Het gaat er niet om of wij het eindresultaat mooi vinden. Waar het wél om gaat, is of het resultaat voor jou klopt. We leren je eerst de taal van de steen voordat we je een roman laten schrijven.
steenbeeldhouwen
De psychologie van de maker
De keuze voor een methode zegt veel over wie je bent. Sommige cursisten hebben een dagelijks leven vol regels en zoeken in het atelier juist de totale vrijheid. Anderen hebben een chaotisch leven en vinden in de steen juist houvast en structuur. Beeldhouwen is in die zin een prachtige vorm van zelfregulatie.
​

Wij herkennen deze behoeftes. Als jij rust nodig hebt, zullen we je niet pushen naar een ingewikkeld technisch plan. Als jij juist uitdaging en discipline zoekt, laten we je niet aanmodderen. Wij zijn de wind in je zeilen als je vaart wilt maken en het anker als je dreigt af te drijven.
Gereedschap en de kunst van het herstel
De methode bepaalt ook welk gereedschap we gebruiken. Bij vrij werken horen vaak raspen en gutsen om de vorm af te tasten. Bij technisch werk komen de Widia beitels en punctuele meetinstrumenten uit de kast.
​

Zelfs een mislukking krijgt kleur door de gekozen methode. Bij vrij werken leren we je de vorm weer open te breken als het proces stagneert. Bij een technisch plan leren we je de kunst van de reparatie of de anatomie van de aanpassing. Een breuk is nooit het einde, maar altijd een nieuw begin.
Onze belofte: jouw visie centraal
Dit is de essentie van wat wij doen aan de Kenauweg. Het is onze belofte aan jou: we zullen je niet naar onze hand zetten, maar we zullen de steen naar jouw hand helpen zetten. We delen onze kennis over de menselijke anatomie en de wiskunde van de vorm, maar altijd in dienst van jouw unieke proces.


Of je nu een punctuele architect bent of een intuïtieve danser, het atelier is jouw podium. Wij zijn de technici achter de schermen die zorgen dat het licht goed valt en het gereedschap scherp is.
Durf te kiezen voor de Zomeracademie
Ik wil je motiveren om bij je volgende project tijdens de 
Zomeracademie bewust stil te staan bij deze keuze. Er is geen goede of foute weg, er is alleen de weg die op dat moment voor jou werkt. Wees niet bang om te experimenteren! Probeer eens een technisch plan als je altijd vrij werkt, of laat de meetlat eens liggen als je gewend bent aan punctueel meten.

Wij staan klaar met onze kennis en een open blik naar wie jij bent als maker. Vertel ons je plan of vertel ons dat je juist geen plan hebt. Beide zijn even welkom. Laten we samen die unieke reis in de steen maken.

Kom naar de Kenauweg, laat de steen je uitdagen en laat ons je begeleiden naar de ware alchemie van de beeldhouwkunst!
0 Opmerkingen

De dubbele lemniscaat en de drieknoop: een reis door de oneindigheid

20/5/2026

0 Opmerkingen

 
Wanneer je in een museum voor experimentele kunst staat, word je soms gegrepen door een vorm die lijkt te bewegen terwijl hij stilstaat. Een vorm die geen begin en geen eind heeft, waarbij de buitenkant naadloos overvloeit in de binnenkant. In de beeldhouwkunst noemen we dit vaak een lemniscaat, maar wie zich werkelijk in de wiskunde en de historie verdiept, ontdekt een wereld van spirituele en mathematische diepgang.

De dubbele lemniscaat en de drieknoop zijn misschien wel de meest uitdagende vormen om uit een massief blok steen te bevrijden. In de vijfentwintig jaar dat ik, Simone van Olst, samen met Alex Sluimer in Leiden werk, heb ik gezien hoe deze vorm de ultieme spiegel is voor je ruimtelijk inzicht. In dit essay ontleden we de historie van de knoop, de wiskundige wetten van de lemniscaat en de technische discipline die nodig is om dit in marmer of albast te realiseren.
De historie van de oneindige lus
De term 'lemniscaat' stamt uit het Latijnse lemniscatus, wat letterlijk 'versierd met linten' betekent. Wiskundig gezien kennen we het als de liggende acht, het symbool voor oneindigheid. Maar in de beeldhouwkunst gaan we een stap verder naar de drie dimensies. De drieknoop, of de klaverbladknoop, is de eenvoudigste niet-triviale knoop in de knopentheorie. Het is een gesloten lus die drie keer over zichzelf heen kruist. Historisch gezien is dit motief al duizenden jaren oud. We zien het terug in de Keltische knopen (de Triquetra), in de boeddhistische 'oneindige knoop' en in de geometrische patronen van de islamitische kunst. Voor deze culturen was de knoop niet zomaar een versiering; het symboliseerde de verwevenheid van tijd, de cyclus van het leven en de onverbrekelijke verbinding tussen het fysieke en het metafysische.
dubbele lemniscaat beeldhouwen in steen
De uitdaging van de morfologie
In mijn expertisegebied kijk ik naar de morfologie van deze knoop. Waarom is hij zo spannend voor het oog? Omdat hij onze visuele verwerking uitdaagt. Onze hersenen proberen de lijn te volgen, maar worden constant gedwongen om van richting te veranderen, van boven naar onder, van binnen naar buiten. In de steen creëert dit een dynamiek die geen enkel ander object bezit. Wanneer je een drieknoop hakt, ben je niet bezig met massa, maar met de ruimte tussen de massa.
Het vinden van de 'negatieve route'
In het atelier beleven we vaak een cruciaal kantelmoment wanneer een cursist besluit dit avontuur aan te gaan. Het is een proces van uiterste concentratie waarbij de wiskunde en het handwerk samensmelten. Vaak ontstaat er verwarring bij de kruispunten, omdat een drieknoop zich niet laat vangen in een platte tekening op de steen; de vorm heeft volume en diepte die vraagt om een andere manier van kijken. In plaats van te focussen op de banen, leer ik cursisten om in 'tunnels' te denken. Door te werken via de 'negatieve route' begin je niet bij de knoop zelf, maar bij de gaten waar de banen elkaar passeren. Wanneer deze openingen op de wiskundig juiste plek zitten, verschijnt de complexe vorm bijna als vanzelf uit de steen. Het is een fascinerende omkering van het normale denkproces.
dubbele lemniscaat studie schets steen
Wiskunde als scheidsrechter van harmonie
De wiskunde achter de dubbele lemniscaat is indrukwekkend. In de 17e eeuw beschreef de wiskundige Jacob Bernoulli de lemniscaat als een meetkundige plaats van punten waarbij het product van de afstanden tot twee vaste brandpunten constant is. In de beeldhouwkunst vertalen we deze abstractie naar balans. Een dubbele lemniscaat moet in evenwicht zijn; de twee lussen moeten elkaar visueel en fysiek in balans houden. Als de ene lus iets dikker is dan de andere, voelt het hele beeld "vals", net zoals een valse noot in de muziek. In mijn lessen aan de Kenauweg gebruik ik dit om cursisten te leren over proporties. Wiskunde is de scheidsrechter van de harmonie.
Spelen met licht en transparantie
Het werken aan een drieknoop in een materiaal als albast brengt een extra dimensie met zich mee: de transparantie. Omdat de banen van de knoop over en onder elkaar doorgaan, ontstaan er plekken waar het licht door twee of drie lagen steen tegelijk moet dringen. Dit creëert een schouwspel van verschillende tinten wit en oker. Waar de banen elkaar bijna raken, wordt de steen donkerder door de schaduw; waar ze vrij in de ruimte zweven, lijken ze licht te geven. Dit zintuiglijke effect versterkt de wiskundige complexiteit. Je ziet de knoop niet alleen, je ziet de diepte van de constructie door het licht.
Een oefening in mindfulness
Mijn persoonlijke passie voor dit onderwerp komt voort uit de uitdaging van de concentratie. Het hakken van een drieknoop is een oefening in mindfulness. Als je aan de ene kant te veel weghaalt, klopt de hele topologische loop niet meer. Het dwingt je om je ruimtelijk inzicht tot het uiterste te rekken. Ik raad cursisten vaak aan om eerst een reststukje speksteen te pakken en daar een kleine knoop uit te bevrijden. Het is de perfecte vormstudie. Je leert hoe de beitel de bocht om moet en hoe je de onderkant van een kruising bereikt zonder de bovenkant te beschadigen. Deze "kleine wiskunde" is de beste voorbereiding op het grote werk in bijvoorbeeld marmer.
De symboliek van de drie-eenheid
Historisch gezien is de klaverbladknoop ook verbonden met de symboliek van de drie-eenheid. In de middeleeuwse architectuur zie je de Triquetra vaak terug in de traceringen van gotische ramen. Het is een vorm die rust geeft omdat hij gesloten is, maar die tegelijkertijd spanning oproept omdat hij nooit stilstaat. In mijn visie als beeldhouwer probeer ik die rust en spanning te verenigen. Een drieknoop in steen moet aanvoelen als een bevroren beweging. Het licht moet over de banen glijden alsof het een vloeistof is. Dit bereik je alleen door de wiskundige precisie van de ronding tot in de perfectie door te voeren. Elke knik in de lijn verbreekt de illusie van oneindigheid.
De architectuur van de boog
Expertise in dit veld betekent ook dat je de risico's kent. Een drieknoop is structureel kwetsbaar. De punten waar de banen elkaar kruisen zijn potentiële breuklijnen. Alex en ik adviseren daarom altijd om bij deze vorm te werken met de draad van de steen mee. In marmer moet je de kristallijne structuur gebruiken om de lussen sterk te houden. We kijken hierbij naar de 'architectuur van de boog': hoe je de banen van de knoop dikker laat op de punten waar de meeste spanning staat, terwijl je ze visueel slank laat ogen door de manier waarop je de randen afrondt. Dat is de ware kunst: wiskunde gebruiken om de natuurkunde te slim af te zijn.
De kracht van ruimtelijke bevrijding
Ik wil je motiveren om niet bang te zijn voor deze complexiteit. Wiskunde in de kunst wordt vaak als "moeilijk" bestempeld, maar het is eigenlijk je beste vriend. Het geeft je de regels waarmee je kunt spelen. Een drieknoop hakken geeft een voldoening die bijna niet te beschrijven is. Het moment dat de banen elkaar voor het eerst werkelijk "vrij" passeren in de steen, is een magisch moment van ruimtelijke bevrijding. Je hebt de materie bedwongen met de kracht van je inzicht.
lemniscaat alex sluimer
Waar wacht je nog op? Kom naar het atelier in Leiden. Pak een steen, pak je passer en je beitel, en ga de dialoog aan met de oneindigheid. De dubbele lemniscaat en de drieknoop zijn niet alleen vormen; het zijn manieren van kijken naar de wereld waarin alles met elkaar verbonden is. Laten we samen die verbinding zichtbaar maken in de onverzettelijke steen. De wiskunde wacht op je, en wij staan klaar om je te helpen de knoop te ontwarren. Sluit je aan bij de drieknoop masterclass op 28, 29 en 30 mei 2026!
0 Opmerkingen

Het monument van de onzichtbare sloop: waarom de kunstwereld moet breken met het ideaal van de gezonde kunstenaar

19/5/2026

0 Opmerkingen

 
Er waart een spook door de westerse wereld en het huist in de lichamen van milieus, gezinnen, kantoren en ateliers. Het is de onzichtbare epidemie van de eenentwintigste eeuw: de explosieve stijging van het aantal chronische en auto-immuunziekten. Alleen al in Nederland praten we over bijna 10 miljoen mensen, ruim 53 procent van de volwassen bevolking, die dagelijks onderhandelen met een lichaam dat de oorlog aan zichzelf heeft verklaard. Van Long Covid tot Lyme, van diabetes type 1 tot hypermobiliteit, en van zeldzame, grillige systeemziekten zoals sarcoïdose tot diepe, onpeilbare uitputtingssyndromen.

We kijken naar een maatschappelijk vraagstuk van monumentale omvang, en toch is de stilte eromheen oorverdovend. Waarom? Omdat de buitenkant standhoudt. Omdat we hebben geleerd om de schone schijn op te houden. Omdat onze cultuur is geobsedeerd door esthetiek, productiviteit en onbreekbaarheid.
Als beeldhouwer heb ik, Simone van Olst, twintig jaar lang in de loopgraven van dit onzichtbare slagveld gestaan. Twintig jaar van hameren, beitelen en creëren, terwijl mijn eigen biologische fundament barsten vertoonde. Vandaag de dag bevind ik mij in een staat van diepe, bewuste ruststand; een strategische stilte die geen nederlaag is, maar een artistieke soevereiniteit. Vanuit deze positie heb ik mijn Transformatie-serie vormgegeven: een zevendelige conceptuele beeldencyclus die het narratief rondom ziek zijn niet alleen kantelt, maar radicaal verbrijzelt.
​

Dit is geen klaagzang. Dit is geen smeekbede om sympathie of een artistiek dagboek van een slachtoffer. Dit is een snoeihard maatschappelijk en institutioneel statement. Het is een weigering om nog langer onzichtbaar te zijn, verpakt in de onwrikbare taal van marmer, basalt en albast. En het is een directe confrontatie met een kunstwereld die lijdt aan een toxische obsessie: het ideaal van de gezonde, onuitputtelijke kunstenaar.
simone van olst kunstenaar met beeld
1. De mythe van de onvermoeibare maker is een systemische analyse
In het grensverleggende artikel Kunst en veeleisendheid – over het ideaal van de gezonde kunstenaar van BK Informatie wordt de vinger pijnlijk nauwkeurig op de zere plek gelegd. De hedendaagse kunstwereld profileert zich graag als progressief, inclusief en empathisch. Musea hangen vol met conceptuele werken over marginalisering, systemische uitsluiting en maatschappelijk onrecht. Maar zodra het gaat over de productievoorwaarden van kunst, transformeert diezelfde kunstwereld in een hyperkapitalistische, neoliberale arena waarin alleen de fysiek onkwetsbaren overleven.

De structuur van de kunstmarkt vereist dat een kunstenaar hypermobiel is. Je moet van de ene internationale residency naar de andere vliegen. Je moet gigantische, fysiek loodzware installaties kunnen opbouwen in een tijdsbestek van achtenveertig uur. Je moet netwerken tot in de vroege uurtjes, constant beschikbaar zijn voor curatoren en een output genereren alsof je een fabriek bent in plaats van een mens. Het artikel op BK Informatie legt bloot hoe dit 'ideaal van de gezonde kunstenaar' kunstenaars met een chronische ziekte of een functionele beperking systematisch uitsluit. Er wordt een onuitgesproken prestatie-eis gesteld die ervan uitgaat dat een creatief brein huist in een lichaam dat nooit hapert.

Als beeldhouwer die met steen werkt, een discipline die fysiek het uiterste vraagt, heb ik deze frictie aan den lijve ondervonden. Steenhouwen is een gevecht met de materie. Het vereist spierkracht, uithoudingsvermogen en het incasseren van constante fysieke trillingen en stof. Twintig jaar lang heb ik dit gevecht gevoerd terwijl mijn lichaam intern aan het imploderen was. De maatschappelijke druk om te presteren, om te voldoen aan het beeld van de 'succesvolle, productieve kunstenaar', dwong mij om mijn eigen biologische grenzen systematisch te negeren.

​
Het artikel in BK Informatie dwingt ons tot een kritische zelfreflectie: wiens verhalen horen we als alleen de lichamelijk onkwetsbaren de middelen en het platform krijgen om te produceren? Als meer dan de helft van de bevolking kampt met een chronische of auto-immuunaandoening en de kunstwereld sluit de kunstenaars die dit leven leiden uit, dan produceert de kunstwereld een valse, incomplete afspiegeling van de menselijke ervaring. Mijn Transformatie-serie is het antwoord op dit systemische hiaat. Ik gebruik de weigerachtige, zware materie van de steen om het onzichtbare falen van het lichaam een onontkoombare fysieke aanwezigheid te geven. Als de instituten ons niet willen horen, dan zullen ze de steen moeten wegen.
2. De paradox van passie met de kunstenaar als eigen uitbuiter
De drang om te creëren is voor een kunstenaar geen luxeprobleem; het is een existentiële noodzaak. Het is een vuur dat van binnenuit brandt en dat zich niet zomaar laat doven door een medische diagnose. Maar in dit vuur schuilt een enorm gevaar. Cultuur+Ondernemen analyseert dit fenomeen haarscherp in hun essay De paradox van passie: zo bewaak je de balans - Cultuur+Ondernemen. Ze beschrijven hoe passie in de culturele sector fungeert als een dubbelsnijdend zwaard. Het is je grootste motor, maar tegelijkertijd je grootste valkuil.

Omdat kunstenaars zielsveel houden van wat ze doen, zijn ze sneller geneigd om hun eigen grenzen te overschrijden. De culturele sector maakt hier dankbaar misbruik van door structureel te lage vergoedingen te betalen en onrealistische deadlines te stellen, wetende dat de kunstenaar 'toch wel blijft werken uit liefde voor het vak'. Dit creëert een cultuur van zelfuitbuiting. Wanneer je als kunstenaar echter te maken krijgt met een auto-immuunziekte, wordt deze paradox van passie een kwestie van leven of dood. Je drive wil vooruit, je conceptuele geest wil groter, dieper en monumentaler, maar de biologische realiteit trekt aan de noodrem.
​
"De paradox van passie betekent dat hetgeen wat je tot leven wekt, je ook kan vernietigen als je de ecologie van je eigen lichaam niet respecteert."

Gedurende mijn twintigjarige zoektocht ben ik herhaaldelijk in deze valkuil gestapt. De passie voor de steen, de drang om de beelden die in mijn hoofd stormden te bevrijden uit het marmer, overschreeuwde de signalen van mijn zenuwstelsel. Je wilt niet die 'zieke kunstenaar' zijn; je wilt herkend worden om je vakmanschap, je conceptuele diepgang en je onverzettelijkheid. Het resultaat is dat je dubbel zo hard werkt om de onzichtbare achterstand te compenseren. Je maskeert de uitputting met pure wilskracht.

Mijn huidige ruststand is het directe resultaat van het oplossen van deze paradox. Ik heb geleerd dat het bewaken van de balans geen artistieke verzwakking is, maar een daad van radicaal ondernemerschap en conceptuele rijping. Rust is geen leegte; het is een actieve, materiële component van mijn artistieke praktijk geworden. De Transformatie-serie is niet ondanks, maar dankzij deze herwonnen balans tot stand gekomen. Het is het werk van een kunstenaar die weigert zichzelf op te offeren op het altaar van de neoliberale productiviteitsdrang.
Afbeelding
Afbeelding
Afbeelding
3. De beeldtaal van het onzichtbare lijden als van landschap naar somatische ruwheid
Mijn zoektocht naar een adequate beeldtaal om de interne verwoesting van een chronische ziekte vorm te geven, was een evolutionair proces dat zich over decennia heeft uitgestrekt. Ik kon niet direct over het lichaam praten; het was te rauw, te dichtbij, te onbevattelijk. Ik had de omweg van het landschap nodig om de interne topografie te leren begrijpen.

In mijn vroege werk, de Duinvallei-serie, zocht ik naar de impact van onzichtbare krachten op monumentale structuren. Een duin is een massief object, gevormd door zand en gewicht, maar de vorm is volledig vloeibaar. De wind, een onzichtbare, ongrijpbare stroom,bepaalt de contouren, verplaatst hele bergen en creëert nieuwe valleien zonder dat je de kracht zelf kunt vastpakken. Dit was mijn eerste onbewuste poging om de dynamiek van een auto-immuunziekte te vangen. Het lichaam als een duinlandschap dat onderhevig is aan de onzichtbare, eroderende winden van een intern immuunsysteem. Het oppervlak verandert, het interne gewicht verschuift, maar voor de oppervlakkige toeschouwer blijft het 'gewoon een berg'.

Vervolgens bewoog mijn werk zich naar de dynamiek van de Golven-serie. Hierin onderzocht ik de mechanismen van de impact, de constante herhaling van energie en het overweldigd worden door een kracht die groter is dan het individu. Een golf is pure beweging, een vloeibare sculptuur die ontstaat uit frictie en spanning, om daarna met brute kracht te breken. Jarenlang gebruikte ik deze vloeiende, esthetische lijnen om de golven van actieve ontstekingen, medische onzekerheid en fysieke uitputting te kanaliseren. Maar naarmate de jaren verstreken, begon deze taal te knellen. De golven waren te esthetisch, te elegant. Ze boden de toeschouwer een te comfortabele ontsnappingsroute. De werkelijkheid van chronisch ziek zijn is niet elegant; het is grillig, hoekig en onbarmhartig.

De cruciale overgang vond plaats in de serie Tussen de Getijden. Dit werk markeerde de overstap van het pure landschap naar de liminale zone van het menselijk bestaan. De getijdenzone is een brute, onzekere ruimte: het is land noch zee, het is constant onderhevig aan droogval en overstroming. Dit weerspiegelde exact de psychologische en fysieke realiteit van mijn twintigjarige ziekteproces. Je leeft permanent tussen de getijden. In het hoogtij van de crisis word je overspoeld door symptomen en verlies je elke controle; in het laagtij blijf je uitgeput en blootgesteld achter op het droge, terwijl de wereld om je heen verwacht dat je weer normaal meedraait. In deze serie begon de steen te veranderen. De perfect gepolijste golven maakten plaats voor ruwe breukvlakken, voor inkepingen en diepe fricties. De materie begon te getuigen van de schade.

De Transformatie-serie is de ultieme distillatie van deze decennialange zoektocht. Ik heb de natuurlijke metaforen achter me gelaten. De wind, de golf en het getij zijn geïnternaliseerd. Ze zijn neergeslagen in het merg van de sculpturen. De serie claimt de ruimte op een manier die niet langer esthetisch behaagt, maar conceptueel confronteert. Het is de overgang van landschappelijke abstractie naar een pure, somatische realiteit.
4. De zeven fases van Transformatie als een deconstructie van de chronische anatomie
De Transformatie-serie is opgebouwd uit zeven specifieke, opeenvolgende fases. Elke fase vertegenwoordigt een structurele en psychologische verschuiving binnen het proces van onzichtbaar ziek zijn. Het is een blauwdruk van de transformatie die miljoenen mensen wereldwijd doormaken, maar die tot op heden nooit op deze monumentale schaal in steen werd uitgehouwen.

Fase 1: Niet meer kunnen dansen
Dit is de fase van de abrupte arrestatie. De maatschappij functioneert op een ritme van constante acceleratie en plotseling trekt het immuunsysteem aan de noodrem. Niet meer kunnen dansen is het verlies van de vanzelfsprekende vloeibaarheid van het bestaan. De sculpturen in deze fase weerspiegelen een zware, massieve inertie. De kinetische energie van het bewegende lichaam is gevangen en samengeperst in blokken van onwrikbaar basalt of donker graniet.

De vloeiende lijnen uit mijn Golven-serie zijn hier bewust geconfronteerd met een absolute stilstand. Het is een visuele weergave van de frictie tussen de menselijke wil die vooruit wil bewegen en de biologische realiteit die weigert te collaboreren. Dit is de zware, compromisloze introductie van het project: de confrontatie met het feit dat het ritme voorgoed is gebroken.

Fase 2: Mogen vallen
De grootste taboe in een cultuur die is gebouwd op prestatie en veeleisendheid is de overgave aan de instorting. Mogen vallen is de bewuste beslissing om te stoppen met het overeind houden van een gevel die intern al lang is weggeslagen. In deze fase introduceer ik een geometrie van de ineenstorting. De beelden vertonen diepe, structurele scheuren en diagonale breuklijnen die de zwaartekracht niet langer bevechten, maar omarmen.

Hier resoneren de lessen uit het Cultuur+Ondernemen-essay over de paradox van passie: de val is noodzakelijk om te overleven. Zolang je blijft vechten tegen de onzichtbare instorting, vernietig je het fundament. Door het vallen toe te staan, krijgt de breuk een esthetische en conceptuele legitimiteit. De val is geen eindpunt, maar een actieve, vormgevende kracht.

Fase 3: Cocon
Na de instorting volgt de radicale terugtrekking uit de publieke sfeer. Cocon is de fase van de absolute internalisering. Het is de ruimte waarin de chronisch zieke zich moet verschuilen om te overleven, ver verwijderd van de veeleisende blik van de buitenwereld die constant vraagt: "Ben je alweer beter?"

De beeldtaal in deze fase transformeert naar holle, beschermende structuren. Het albast wordt zo dun uitgehouwen dat het semitransparant wordt; het laat licht door maar schermt de kern af. Het is de architectuur van de privacy, een monument voor de onzichtbare, ondergrondse arbeid van biologische en psychologische reorganisatie. De cocon is geen passieve isolatie, maar een actieve broedplaats van transformatie.

Fase 4: Litteken
De overleving laat sporen na. Een litteken is geen cosmetisch defect; het is een 'living map' van hersteld weefsel dat sterker is dan de oorspronkelijke huid, maar zijn elasticiteit heeft verloren. In deze fase wordt de topografie van de steen gekenmerkt door diepe, permanente inkepingen, ruwe lasnaden en ongepolijste breukvlakken die dwars door het gladde oppervlak snijden.

Dit is de directe verbinding met de thematiek uit het BK-informatieartikel. De kunstwereld vraagt om foutloze, gladde carrières en perfecte lichamen. Litteken weigert die perfectie. Het toont de littekens van twintig jaar overlevingsstrijd als de belangrijkste conceptuele elementen van het werk. De breuklijn is niet gerepareerd om onzichtbaar te worden; hij is geaccentueerd om de geschiedenis van het materiaal te vieren.

Fase 5: Wederopstanding
Je staat niet op uit een twintigjarige ziekte als dezelfde persoon die destijds neerviel. Wederopstanding is de constructie van een fundamenteel nieuwe anatomie. De beelden in deze fase verlaten de horizontale ligging van de val en de cocon en claimen opnieuw de verticaliteit. Ze stijgen omhoog, maar hun structuur is ingrijpend veranderd.

De beweging is krachtig, monumentaal en opwaarts, maar het is een beweging die haar littekens en breuklijnen met zich meedraagt. De opwaartse lijnen zijn niet langer de naïeve, vloeiende golven van weleer; het zijn de doordachte, getorste en versterkte structuren van een vorm die weet wat het kost om de zwaartekracht te overwinnen. Dit is de wedergeboorte van de kracht, gedefinieerd door geleefde ervaring.

Fase 6: Ontbinding van het zelf
Voordat de ultieme rust bereikt kan worden, moet de identiteit van de 'vechter' of de 'zieke' worden losgelaten. Ontbinding van het zelf is de fase waarin de rigide grenzen van het ego vloeibaar worden. Na decennia van overleven kan de definitie die je jezelf hebt gegeven om de crisis te doorstaan veranderen in een nieuwe gevangenis.

In deze fase openen de sculpturen zich volledig naar de ruimte. De harde contouren van het marmer vervagen door complexe uithollingen en perforaties, waardoor de omgevingslucht en het licht een integraal onderdeel worden van de sculptuur zelf. De steen verliest zijn defensieve barrière en lost op in de ruimte. Het is de overgave van het individu aan het universele landschap.

Fase 7: Stilte
Het eindstation van deze transformatieve reis is niet de terugkeer naar de hectiek en de veeleisendheid van de preproductieve maatschappij, maar de aankomst in een monumentale, onwrikbare stilte. Dit is de fase waarin ik mijzelf vandaag de dag bevind. De ruststand.

De beelden in deze finale fase zijn gereduceerd tot hun meest pure, minimalistische essentie. Perfect uitgebalanceerde sferen, zacht glooiende vormen van wit marmer die absolute stabiliteit en vrede uitstralen. Er is geen frictie meer, geen strijd, geen litteken dat om aandacht schreeuwt. De stilte is hier geen leegte of afwezigheid van geluid; het is de massieve, overrompelende aanwezigheid van een geïntegreerd leven. Het is het bewijs dat een lichaam, ondanks de blijvende aanwezigheid van een chronische complexiteit, een staat van perfecte, soevereine rust kan bereiken.
oneindige cocon licht beeld simone van olst steen
oneindige cocon licht beeld simone van olst steen
5. Waarom internationale galeries en musea dit project niet kunnen negeren
De hedendaagse kunstmarkt bevindt zich in een institutionele transitie. Curatoren van toonaangevende musea wereldwijd zijn klaar met oppervlakkige, louter esthetische objecten die geen enkele relatie hebben met de urgente crises van onze tijd. Ze zoeken naar Artistic Research: projecten waarin een diepgaand, langdurig maatschappelijk onderzoek wordt gekoppeld aan een superieure materiaalbeheersing.

Mijn Transformatie-serie tikt al deze institutionele boxen aan:
  • Maatschappelijke urgentie. Het project spreekt rechtstreeks tot de helft van de wereldbevolking. De explosieve groei van auto-immuunziekten is een van de grootste medische en sociologische mysteries van deze tijd. Musea die dit werk exposeren, openen hun deuren voor een gigantische, tot nu toe gemarginaliseerde en onzichtbare doelgroep die snakt naar representatie zonder sentimentaliteit.
  • Conceptuele diepgang en institutionele kritiek. Door de directe link te leggen met het discours rondom de prestatiedruk in de kunstwereld, zoals blootgelegd door BK Informatie, wordt de expositie zelf een kritische reflectie op de instituten waarin het staat. Het daagt musea uit om na te denken over hun eigen toegankelijkheid en hun omgang met kunstenaars die niet voldoen aan het ideaal van het onvermoeibare genie.
  • De frictie tussen concept en materie. De artistieke kracht van dit werk zit in de paradox van de uitvoering. Het onzichtbare, het vluchtige en het ongrijpbare van een immuunziekte worden geconfronteerd met het zwaarste, meest onwrikbare medium dat de kunstgeschiedenis kent: steen. Dat ik na twintig jaar ziekte, vanuit een bewuste ruststand, deze monumentale fysieke claims neerleg, is een conceptueel statement van ongekende autonomie. Dit is geen kunst die vraagt om medelijden; dit is kunst die de ruimte opeist en de voorwaarden dicteert.
6. Het manifest van de ruststand als een radicaal nieuw begrip van gezondheid
We moeten de definitie van gezondheid heroveren op de marktdenkers. Gezondheid is niet de afwezigheid van ziekte; het is het vermogen om je aan te passen en de regie te voeren over je eigen transformatie. De huidige gezondheidszorg, zoals ik die tijdens mijn twintigjarige zoektocht heb ervaren, is monomaan gericht op 'genezen' en 'fixen'. Als een machine kapot is, moet hij gerepareerd worden zodat hij weer kan draaien in de fabriek. Maar een chronische of auto-immuunziekte laat zich niet fixen. Het vereist geen reparatie, maar een fundamenteel andere ecologie van het bestaan. Het vereist management, acceptatie, en uiteindelijk: transformatie.

Dit is waar de kunst de rol van de wetenschap moet overnemen. Waar artsen en beleidsmakers vastlopen in protocollen en cijfers, kan de beeldhouwkunst de existentiële realiteit van deze verschuiving tastbaar maken. De Transformatie-serie leert onze samenleving om met een radicaal nieuwe blik naar het haperende lichaam te kijken. Het laat zien dat de fases van instorting, isolatie en littekenvorming geen verloren tijd zijn, maar cruciale, vormgevende periodes waarin een dieper bewustzijn wordt uitgehouwen.
​

Mijn passie en mijn drive zijn groter dan ooit, maar ze worden niet langer gevoed door de destructieve dynamiek van de zelfuitbuiting. Ze zijn gekanaliseerd in de serene, onverzettelijke kracht van de stilte. Dit project is mijn visuele manifest, een monumentale claim op zichtbaarheid voor de miljoenen die in de schaduw van de veeleisende maatschappij leven. We zijn er, we zijn met velen, en we zijn niet zielig. We zijn van steen.
omvalling beeld simone van olst steen
beweeg beeld simone van olst steen
Nu is het woord aan jullie
​
Dit blog is geen monoloog; het is het startschot voor een broodnodige, internationale dialoog. De frictie tussen artistieke passie, de systemische veeleisendheid van de kunstwereld en de realiteit van het chronisch zieke lichaam raakt ons allemaal.
  • Aan curatoren en galeriehouders. Durven jullie de deuren te openen voor een project dat de fundamentele productiestructuren van jullie eigen sector ter discussie stelt? Hoe kijken jullie naar het 'ideaal van de gezonde kunstenaar' binnen jullie huidige programmering?
  • Aan mede-makers en ervaringsdeskundigen. Hoe herkenbaar is de paradox van passie in jullie eigen praktijk? Hebben jullie ooit het gevoel gehad jullie ziekte of beperking te moeten maskeren om serieus genomen te worden in een wereld die geobsedeerd is door ononderbroken productiviteit?
Laat je reactie hieronder achter. Laten we de discussie openbreken, het onzichtbare zichtbaar maken en samen de contouren van een inclusievere, krachtigere kunstwereld uithouwen.
0 Opmerkingen

De eeuwige kracht van de menhir: hoe Hepworth ons oergevoel ving in steen

19/5/2026

0 Opmerkingen

 
Goh, ik denk dat we allemaal die sensatie kennen, toch? Dat moment dat je ergens in de natuur staat – misschien op een klif, of in de stilte van een bos – en je ineens heel klein voelt. Maar tegelijkertijd onverbreekbaar verbonden met de aarde onder je voeten.

Dat gevoel van oeroude aanwezigheid is de sleutel tot het werk van Barbara Hepworth. Waar vond ze de fysieke ankers voor al haar universele ideeën? In de rotsen, in de zee, en vooral in de prehistorische sites van Cornwall.

Dit is de diepgang die je zoekt. Dit is niet alleen abstractie; dit is de taal van de voorouders in een modern jasje. En het is de perfecte manier om ons eigen werk in speksteen en albast te zien: als een voortzetting van een duizendjarig ritueel.
Cornwall: geen landschap, maar een geschiedenisboek
​
Voor Hepworth was Cornwall meer dan een inspirerende kustlijn. Het was een geologische en spirituele bibliotheek. Ze was diep gefascineerd door de prehistorische overblijfselen die overal in het landschap te vinden zijn: de steencirkels, de grafheuvels en vooral de menhirs (staande stenen).

Waarom waren deze ruwe, vaak onbewerkte stenen zo belangrijk voor een modernistische kunstenaar?
1. De menhir: de zuivere verticale lijn
De menhir is de meest eenvoudige en meest radicale sculptuur in de geschiedenis van de mensheid. Het is een enkele, verticale steen die opzettelijk is geplaatst.
  • De daad. Het oprichten van een menhir is de menselijke daad om de aarde te markeren. Het trekt een absolute verticale lijn die de menselijke schaal verbindt met de onmetelijkheid van de hemel. Het is de eerste poging tot ordening in de chaos van het landschap.
  • Hepworths vertaling. Haar latere, monumentale bronzen – zoals de reeks 'Single Forms' – zijn directe, geabstraheerde echo's van deze staande stenen. Ze zijn massief, statisch en dwingen respect af.
  • De moderne totem. Ze nam de oeroude functie – het markeren van een spirituele of geografische plek – en vertaalde die naar een zuivere, Mondriaan-achtige vorm. Haar Single Forms zijn de moderne totems van hoop en harmonie, geplaatst in een park of bij de VN om precies diezelfde verbinding tussen aarde en kosmos te leggen als de prehistorische mens deed. De menhir is de oorsprong van haar Single Form.
single form barbara hepworth sculptuur
2. De steencirkel: het vangen van de leegte
De steencirkel, zoals je die in Cornwall vindt, is al even cruciaal.
  • De functie. Een steencirkel is een constructie die de massa van de stenen gebruikt om een heilige binnenruimte te definiëren. De ware kunst is de lege ruimte die de stenen omsluiten. Bovendien zijn ze vaak georiënteerd op de zon en de maan, wat hun relatie tot de kosmische ritmes en de tijd onthult.
  • Hepworths vertaling. Dit sluit naadloos aan bij haar concept van het gat. Het gat in haar sculptuur is die omsloten, spirituele ruimte.
  • De gecomprimeerde ervaring. De steencirkel is een uitgestrekte sculptuur; Hepworth comprimeerde die ervaring in één enkel, handzaam of monumentaal stuk. De holtes en inkepingen in haar sculpturen zijn de ruimtes tussen de stenen in de cirkel, waarin het licht – de spirituele waarheid – kan binnendringen en de materie kan bezielen. Ze maakt van een landschappelijke structuur een gevoelsstructuur.
Tijdloosheid en de gelaagdheid van het maken
De diepste les van deze prehistorische fascinatie is de verbinding tussen tijd en materiaal. Hepworth begreep dat haar zoektocht naar abstracte vormen niet nieuw was. Het was de eeuwige, universele taal die de mens altijd al heeft gebruikt om zijn bestaan te ordenen.
  • Jouw tijdlijn. Als jij in ons atelier een stuk steen vasthoudt dat miljoenen jaren oud is, ben je niet alleen bezig met een twintigste-eeuwse modernistische gedachte. Je bent bezig met een duizendjarige conversatie met de materie.
  • De eerlijkheid van de oervorm. De menhir is eerlijk. Het staat er, en het is wat het is. Dit versterkte Hepworths 'truth to material'-principe (Brâncuși's invloed) en haar discipline (Mondriaans erfenis). Je dwingt de steen niet tot een vorm die hij niet wil zijn; je onthult de tijdloze vorm die hij in zich draagt.
simone van olst met menhir sculptuur barbara hepworth
Het samenspel van invloeden
​
Dit alles verbindt haar hele oeuvre op een schitterende manier:
  • De menhir geeft de sculptuur de fundamentele, verticale massa (Brâncuși's puurheid).
  • De steencirkel geeft de sculptuur de constructie van de leegte (Abstraction-Création).
  • De astronomische oriëntatie van de sites geeft de sculptuur de kosmische ambitie (Telstar, Disc with Strings (Moon)).

Het is een totaalvisie, waarbij elk aspect van haar werk – van de precisie van de snaren (de 'recepten') tot het oprichten van een brons (de moderne menhir) – doordrenkt is van een oeroud, maar vitaal, besef van plaats.
De les voor ons atelier: een menhir in speksteen
Dit maakt ons werk hier in Leiden zo relevant. Je bent geen hobbyist; je bent een directe nakomeling van de menhir-oprichter. Als je in ons 500 m² atelier een stuk steen bewerkt, daag ik je uit om met deze oeroude blik te kijken.
  1. Vind de menhir. Binnen de chaos van jouw onbewerkte steen, wat is het meest statische, meest onverbiddelijke punt? Dat is jouw menhir. Baseer de rest van de vorm op die ene, onbeweeglijke, verticale waarheid.
  2. Definieer de cirkel. Waar moet de holte komen om de ruimte eromheen te activeren? Het gat is geen uitsparing; het is de afbakening van een spirituele plek in jouw vorm. Welke blik werp je door dat gat op de wereld?

Door je werk te zien als de voortzetting van deze duizendjarige traditie van markering en ordening, geef je jouw sculpturen een diepgang en gezag die niets met decoratie te maken hebben. Je creëert een universele, tijdloze vorm.
Kom langs en beitel jouw eigen menhir. In ons atelier in Leiden helpen we je de oeroude taal van de steen te spreken met moderne precisie!
0 Opmerkingen

​De stilte van het water: een zondagmorgen in Musée de l'Orangerie

18/5/2026

0 Opmerkingen

 
De zondag in Parijs begon met een bijna sacrale ervaring. Terwijl de stad langzaam wakker werd, liepen wij door de Jardin des Tuileries naar het Musée de l'Orangerie. Dit museum, gehuisvest in een voormalige wintertuin voor sinaasappelbomen, voelt als een schuilplaats voor de geest. Het is de plek waar licht en kleur de hoofdrol spelen en waar we even helemaal konden verdwijnen in de wereld van de grote meesters.
De waterlelies: een testament van licht
Het bezoek aan de Orangerie voelde voor ons bijna als thuiskomen. Terwijl we voor die immense Waterlelies stonden, konden we het niet helpen om even terug te blikken. Alex en ik zijn denk ik dertig jaar geleden samen naar de tuin van Monet in Giverny geweest. Omdat we allebei enorm van tuinieren en tuinen houden — wat je ook terugziet in onze eigen volkstuin — was dat toen een onvergetelijke ervaring. Om nu, decennia later, in Parijs te staan en te zien hoe Monet die tuin heeft vertaald naar deze acht monumentale werken, maakte de cirkel voor ons helemaal rond.

Dat we juist hier voor de Nymphéas stonden, voelde als een noodzakelijk ankerpunt van onze reis. Claude Monet was veel meer dan de "vader van het impressionisme"; hij was een architect van de waarneming. In Parijs is er overigens nog een prachtig museum aan hem gewijd, het Musée Marmottan Monet, waar de grootste collectie van zijn werken ter wereld hangt. Maar de Orangerie is uniek omdat het een specifiek testament is. Monet schonk deze acht panelen aan de Franse staat als een "monument voor de vrede" direct na de gruwelen van de Eerste Wereldoorlog.

Wat me als beeldhouwer direct opviel, is dat deze werken veel meer textuur bevatten dan zijn eerdere werk. Het zijn bijna bas-reliëfs van verf. Doordat zijn zicht verslechterde door staar, werd hij gedwongen om de intensiteit van kleur te vangen in dikke, pasteuze lagen. Hierdoor kreeg de verf een fysieke aanwezigheid die de rimpelingen van het water en de massa van de lelies bijna tastbaar maakt. Hij bouwde de doeken op als een sculptuur van licht en kleur, waardoor ze een diepte krijgen die je alleen ervaart als je er fysiek voor staat. De ellipsvormige zalen creëren een continuïteit zonder horizon; voor een neurodivers brein is dit een ervaring pur sang, waarbij de focus verschuift van het object naar de pure sensatie van kleur en sfeer.
waterlelies monet l'orangerie
waterlelies monet l'orangerie
Henri Rousseau: de ongetemde ambitie
Beneden in het museum wachtte ons een kleine teleurstelling: de tentoonstelling Henri Rousseau: De ambitie van de schilderkunst was helaas nog in opbouw. Toch ontkom je niet aan de aanwezigheid van deze 'naïeve' meester. Rousseau, die zichzelf de bijnaam Le Douanier gaf, was een autodidact die de Parijse avant-garde verbijsterde.

Zijn werk is fascinerend omdat hij jungles schilderde zonder ooit Frankrijk te hebben verlaten; hij baseerde zijn exotische flora op de planten in de Jardin des Plantes. Werken zoals De droom tonen een wereld die tegelijkertijd kinderlijk eenvoudig en onheilspellend complex is. Zijn ambitie was groots; hij wilde bewijzen dat zijn platte vlakken en felle kleuren een nieuwe waarheid bevatten. Het is die eigenzinnigheid die Rousseau zo belangrijk maakt voor de moderne kunstgeschiedenis.
De Walter-Guillaume-collectie: een privéparadijs
Het hart van de benedenverdieping wordt gevormd door de fabelachtige Walter-Guillaume-collectie. In deze verzameling vonden we een ongekende diepgang in het werk van Auguste Renoir en Paul Cézanne. De Renoirs die hier hangen laten een meester zien die kleur gebruikte om volume en warmte te boetseren. De manier waarop hij lichamen vormgaf met zachte, bijna vloeibare streken, voelt als het kneden van klei op doek. Daartegenover staat Cézanne, die de wereld juist ontleedde in geometrische basisvormen. In zijn stillevens en landschappen zie je hoe hij zocht naar de architectuur van de natuur; elke penseelstreek lijkt een bouwsteen. Cézannes vermogen om massa en gewicht te suggereren, is voor ons een constante herinnering aan de structurele kracht die wij in onze stenen zoeken.

alex sluimer kunstwerk picasso
Een absolute ontdekking binnen deze collectie was een reeks werken van Picasso. We vonden hier specifiek werk waarbij hij hetzelfde onderwerp op steeds iets verschillende manieren schilderde. Het is een fascinerend proces om te zien hoe hij een figuur of een compositie telkens opnieuw benadert, telkens met een andere nuance in lijnvoering of volume. Het laat de obsessieve zoektocht zien van een kunstenaar die de vorm tot het uiterste wil begrijpen. Deze seriële aanpak resoneert enorm met ons eigen proces in het atelier; hoe je een vorm vanuit elke hoek moet bestuderen en telkens weer iets nieuws ontdekt.
bezoeker l'orangerie
sculptuur l'orangerie
bezoeker l'orangerie schilderij
Het laatste akkoord: afscheid van Parijs
Het Musée de l'Orangerie was het perfecte slotakkoord. Het vloeide over van de meditatieve rust van Monet naar de intellectuele prikkeling van de collectie beneden. In een wereld die altijd maar 'aan' staat, is die verstilling het grootste cadeau dat kunst ons kan geven. Parijs, je was geweldig en diepgaand. We nemen deze beelden mee terug naar ons atelier in Leiden, klaar om ze te vertalen naar de ruwe materie van de steen.

Bezoekersinformatie: Musée de l’Orangerie
Mocht je zelf naar Parijs gaan, dan is dit museum een absolute must. Je vindt het Musée de l’Orangerie op een werkelijk schitterende plek: in de zuidwestelijke hoek van de Jardin des Tuileries, direct aan de Place de la Concorde en vlak bij de Seine. Het gebouw zelf is een voormalige wintertuin voor sinaasappelbomen, wat de lichte en serene sfeer binnen verklaart.
​
  • Adres: Jardin des Tuileries, 75001 Parijs, Frankrijk.
  • Bereikbaarheid: De dichtstbijzijnde metrohalte is Concorde (lijn 1, 8 en 12). Vanaf daar is het slechts een paar minuten wandelen door de prachtige tuin.
  • Openingstijden: Het museum is dagelijks geopend van 09:00 tot 18:00 uur, behalve op dinsdag (dan is het gesloten).

Tip: omdat de zalen met de Waterlelies van Monet erg populair zijn, raden we je aan om je tickets vooraf online te reserveren. Zo kun je in alle rust genieten van de verstilling die dit museum biedt! Veel plezier!
0 Opmerkingen

De visuele hiërarchie: hoe het brein de steen 'scant'

13/5/2026

0 Opmerkingen

 
Stel je voor: een bezoeker stapt ons zonovergoten atelier aan de Kenauweg in Leiden binnen en bevriest plotseling voor een beeld van transparant albast. De buitenwereld vervaagt, de ademhaling stokt even. Wat gebeurt daar op dat magische snijvlak tussen materie en geest? Hoewel jij als maker misschien midden in de fysieke strijd met de steen zit, vindt de werkelijke voltooiing van je kunstwerk pas plaats in de hersenen van de toeschouwer. Je bent namelijk niet alleen marmer aan het bewerken; je bent een neurologische ervaring aan het componeren.

In deze blog duiken we diep in de fascinerende wereld van de neuro-esthetiek. We ontdekken hoe je de cognitieve psychologie kunt inzetten als je krachtigste instrument om de kijker niet alleen te laten kijken, maar ook echt te laten voelen.
De visuele hiërarchie: het brein als actieve scanner
​Wanneer iemand voor jouw beeld gaat staan, start er een razendsnel proces. Het brein fungeert niet als een passieve camera, maar als een actieve scanner die prioriteiten stelt via de ventrale stroom (de 'wat'-route) en de dorsale stroom (de 'waar/hoe'-route).
​

In de eerste fractie van een seconde zoekt onze grijze massa naar herkenning. Evolutionair zijn we geprogrammeerd om menselijke vormen en gezichten te spotten. Daarom hebben de 'baguettes' van de spieren en de 'croissants' van de heupen zo'n enorme impact; de fusiform gyrus in ons brein herkent deze archetypische structuren onmiddellijk. Jij hebt de regie: door een specifieke lijn scherper aan te zetten, geef je de kijker een 'ingang'. Waar jij de meeste definitie aanbrengt, dwing je de blik om te beginnen.
torso licht schets focus beeldhouwen
Meevoelen met de steen: de magie van spiegelneuronen
Een van de meest spectaculaire ontdekkingen is de werking van spiegelneuronen. Wanneer we een beweging zien, vuren onze neuronen alsof we die beweging zelf maken. In de beeldhouwkunst noemen we dit 
embodied simulation.

Kijkt iemand naar een torso met een dynamische torsie? Dan voelt diegene de spanning letterlijk in de eigen rugspieren! Of je nu kiest voor een asymmetrische compositie of een diepe plooi bij de 'rookworst' van de navel, je wekt een fysieke sensatie op. De afwerking bepaalt de intensiteit: een gepolijste huid in albast roept sereniteit op, terwijl een ruw bewerkt vlak de kijker de kracht en de inspanning van het hakken laat meebeleven. De toeschouwer beeldhouwt in gedachten met je mee.
details steenbeeldhouwen handschoen
Neuro-esthetiek: de dans tussen orde en mysterie
Waarom ervaren we sommige beelden als 'belonend'? De neurobiologie laat zien dat symmetrie en contrast ons beloningscentrum (
nucleus accumbens) activeren. Maar pas op: té veel orde wordt saai.

Echte 'esthetische arrest' ontstaat bij inherent ambiguity. Ons brein houdt ervan geprikkeld te worden door zaken die het niet direct kan plaatsen. Een onverwachte textuur of een bewuste inconsistentie vormt een cognitieve puzzel die de kijker dwingt langer te blijven stilstaan. Een perfect, glad beeld is een gesloten boek; een beeld met een mysterie is een open dialoog die de emotionele impact verdiept.
De psychologie van presentatie en licht
De context waarin je je werk plaatst, verandert de neurologische verwerking fundamenteel. Dit is het 
priming effect. Een hoog statief dwingt ontzag af, terwijl een beeld op een ruwe werkbank uitnodigt tot een informele, tactiele interactie.

Licht is hierbij je beste vriend, zeker bij albast. Onze hersenen herkennen volume door schaduwwerking (chiaroscuro). Gebruik strijklicht om de dieptewerking van de 'croissants' en 'mandarijnpartjes' in de anatomie te versterken. De transparantie van de steen zorgt bovendien voor subsurface scattering, waarbij licht de steen binnendringt en weer naar buiten gloeit. Deze 'aura' associeert ons brein onbewust met leven en bezieling; het is alsof het beeld een eigen vitaliteit bezit.
Strategische afwerking: bespeel de toeschouwer
Met deze wetenschappelijke inzichten in je achterhoofd kun je je afwerking tot in de puntjes perfectioneren:
  • Tactiele verleiding. Polijst de delen waar je wilt dat de kijker de zachtheid mentaal 'voelt'. Glans trekt de aandacht naar de diepte van de steen.
  • Visuele rustpunten. Laat secundaire delen ruwer of matter. Het brein filtert deze gebieden, waardoor de focus volledig op je kernpunt komt te liggen.
  • De kracht van drie. Ons brein is dol op oneven aantallen. Drie groeven of vlakken zorgen voor een dynamischer scanpad dan een symmetrisch tweetal.
beeldhouwen in de zon steen
De maker als dirigent
Beeldhouwen is in essentie de psychologie van de ander bespelen. Je gebruikt marmer en albast om neurale paden te activeren en emotionele resonantie op te wekken. Aan de Kenauweg leren we je niet alleen hoe je de beitel vasthoudt, maar ook hoe je de waarneming dirigeert.

Zodra je beseft dat jouw werk pas echt tot leven komt in de geest van de toeschouwer, krijgt elke slag een nieuwe betekenis. Gebruik de kracht van spiegelneuronen en de beloningssystemen van het brein om je werk boven de middelmaat uit te tillen. Zoals we in het atelier vaak zeggen: de steen spreekt, maar jij zorgt ervoor dat de toeschouwer hem werkelijk kan horen!
0 Opmerkingen

Waarom herhaling verdieping brengt: de kracht van de drieknoop

12/5/2026

1 Opmerking

 
In ons atelier aan de Kenauweg in Leiden zie ik het keer op keer: de cursist die met ingehouden adem en opperste concentratie werkt aan die ene, eerste perfecte torso. Elke slag is beladen met de angst om het 'fout' te doen. Er heerst een soort heilig ontzag voor de steen, alsof dit het enige blok marmer op aarde is en het resultaat direct in het Rijksmuseum moet komen te staan. Ik loop dan naar ze toe, leg mijn hand op hun schouder en zeg: "Maak je niet druk, sla er maar een gat in. Je volgende wordt toch beter."

Dat klinkt misschien cru, maar het is de diepste waarheid van ons vak. In deze blog gaan we het hebben over de motor van het meesterschap: de kracht van de herhaling. We gaan ontdekken waarom je niet in één keer de perfecte lemniscaat kunt maken, waarom 'fouten' je beste leermeesters zijn en hoe het herhalen van een vorm ervoor zorgt dat de techniek in je cellen wordt geprogrammeerd. Beeldhouwen is namelijk geen intellectuele exercitie; het is een fysieke dialoog die je moet trainen, net als zwemmen, fietsen of het spreken van een nieuwe taal.
Waarom herhaling je bevrijdt
De allergrootste blokkade voor groei is de jacht op perfectie bij je eerste poging. Laten we die druk er direct afhalen. Je eerste torso zal niet perfect zijn. Je eerste drieknoop zal waarschijnlijk ergens een onlogische kronkel hebben. En weet je wat? Dat is fantastisch. Want die eerste versie is niet je eindstation; het is je verkenningstocht.
De biologie van de beitel
Beeldhouwen is een ambacht dat in je lijf moet gaan zitten. Denk eens terug aan toen je leerde fietsen. Je kon in een boek lezen over evenwicht en trappen, maar pas toen je duizend keer bijna omviel, begrepen je spieren wat ze moesten doen. Je hersenen moesten nieuwe verbindingen maken tussen je evenwichtsorgaan en je benen.

In het atelier werkt dit precies zo. Je kunt theoretisch weten hoe je de 'croissant' van de heup moet hakken, maar je hand moet de weerstand van het marmer duizend keer hebben gevoeld voordat de slagkracht van je hamer automatisch wordt. Herhaling zorgt voor 'spiergeheugen'. Wanneer je voor de vijfde keer aan dezelfde vorm begint, hoef je niet meer na te denken over de techniek; je handen weten de weg. De techniek is dan ingeprogrammeerd in je systeem, waardoor er ruimte in je hoofd ontstaat voor de échte creativiteit.
drieknoop steen sculptuur af
drieknoop uit steen beeldhouwen
Waarom de tweede keer pas de diepte begint
De eerste keer dat je een ingewikkelde vorm maakt, ben je aan het overleven. Je bent bezig met de veiligheid van de steen, met de hoek van de beitel, met het niet verliezen van de weg in de massa. Je bent een toerist in een vreemde stad met een kaart in je hand; je ziet de omgeving niet omdat je alleen maar naar de straatnamen kijkt.
​

De tweede, derde en vierde keer dat je diezelfde vorm maakt, ken je de weg. Je herkent de herkenbare punten, de 'baguettes' van de rug en de 'mandarijnpartjes' van de borst. Nu pas kun je gaan letten op de subtiele nuances. Nu pas zie je hoe het licht net anders valt als je de curve een fractie scherper maakt. Herhaling brengt verdieping omdat het de angst wegneemt. Je weet dat je het kunt, dus durf je nu te experimenteren. Je durft de grenzen van de steen op te zoeken omdat je de basis beheerst.
De schoonheid van de 'fout'
In mijn lessen hanteer ik liever niet de term fout, maar spreek ik liever van een onverwacht resultaat dat de weg vrijmaakt voor echte groei. Wanneer er onverhoopt een hoek te diep wordt ingehakt of een stukje van een neus afbreekt, is de eerste reflex vaak frustratie, terwijl zo’n moment juist een reden is voor een klein feestje. Een afgebroken schilfer marmer leert je namelijk op slag meer over de interne kristalspanning dan een uur aan theoretische uitleg ooit zou kunnen doen. Deze onvoorziene wendingen dwingen je om het veilige, oorspronkelijke ontwerp los te laten, te gaan improviseren en oplossingen te verzinnen die het uiteindelijke beeld vaak vele malen spannender maken.

Dit bleek onlangs nog toen Alex me vertelde over een cursist die volledig ontdaan was omdat de lus van zijn drieknoop was afgebroken. Mijn reactie was direct: dit is het beste wat hem had kunnen overkomen. Nu wordt hij immers uitgedaagd om de interne structuur van de steen werkelijk te doorgronden en de vorm zo aan te passen dat er een nieuwe, krachtige eenheid ontstaat. De volgende keer dat hij een steen oppakt, zal hij dat doen met een dieper respect en een scherper inzicht. Zo vormen de fouten van vandaag de onmisbare fundamenten voor het vakmanschap van morgen.
De drieknoop als leermeester
Neem de drieknoop. Dat is een vorm die je dwingt tot herhaling. De eerste keer dat je die probeert te doorgronden, raak je gegarandeerd de weg kwijt. Je hakt aan de voorkant een tunnel en ontdekt aan de achterkant dat je nergens uitkomt. Is dat erg? Nee! Je hebt zojuist een enorme sprong gemaakt in je ruimtelijk inzicht.
​

Je hersenen hebben geprobeerd de 3D-puzzel op te lossen en zijn gestuit op een grens. Door die vorm opnieuw te starten, ga je patronen herkennen. Je begint te begrijpen hoe de negatieve ruimte de massa dicteert. Bij je derde of vierde knoop zie je de vorm al in de ruwe steen zitten voordat je de eerste slag geeft. Dat is de beloning van de herhaling: de chaos in je hoofd wordt orde in de steen.
Durf in het diepe te springen
Ik wil je motiveren om de veilige weg te verlaten. Volg bijvoorbeeld eens de drieknoop masterclass! Het is ontzettend lekker om in iets nieuws te duiken, in een vorm die je nog niet beheerst. Ja, het is oncomfortabel. Ja, je zult je onhandig voelen. Maar dat is precies de plek waar de magie gebeurt. Als je alleen maar doet wat je al kunt, word je een ambachtsman die kunstjes herhaalt. Als je durft te falen in een nieuwe vorm, word je een kunstenaar.
​

Beeldhouwen is een proces van ontdekken. Wees nieuwsgierig naar je eigen 'foutjes'. Analyseer ze in je 'chaos schriftje'. Waarom ging het daar mis? Was ik te gehaast? Was mijn beitelbot? Of begreep ik de anatomie niet goed? Door dit te doen, programmeer je de verbetering in je systeem. Je volgende beeld zal niet alleen beter zijn; het zal krachtiger zijn, omdat de lessen van de vorige steen erin verankerd zitten.
De vreugde van de progressie
Er is geen grotere kick in ons atelier aan de Kenauweg dan het moment dat je je derde of vierde beeld van hetzelfde onderwerp naast je eerste zet. De groei is dan vaak zo spectaculair dat je het zelf nauwelijks kunt geloven. Je ziet hoe de lijnen zelfverzekerder zijn geworden, hoe de volumes beter kloppen en hoe je de steen durft uit te dagen.
​

Dat is waarom wij in het atelier ook altijd zeggen: bewaar je eerste probeersels. Gooi ze niet weg. Ze zijn de getuigen van je moed om te leren. Ze laten zien dat je bent gaan 'zwemmen' in de materie zonder te weten of je de overkant zou halen.
Herhaal, leer en blink uit
Beeldhouwen is een levenslange studie. Alex en ik leren na 25 jaar ook nog elke dag bij. Wij herhalen ook patronen, we maken ook nog steeds 'fouten' en we duiken ook nog steeds in nieuwe stenen die ons uitdagen. De kracht van herhaling is dat het je de techniek geeft om je eigen stem te vinden.

Dus, wees niet bang voor die tweede of derde torso. Omhels de herhaling. Zie het niet als 'hetzelfde doen', maar als 'hetzelfde beter doen'. Laat je passie de motor zijn en je discipline de beitel. Elke slag die je herhaalt, brengt je dichter bij de essentie van de vorm en bij je eigen meesterschap.
​

Kom naar de Kenauweg, pak die nieuwe steen en begin opnieuw. En opnieuw. En opnieuw. Totdat de steen niet meer voelt als een obstakel, maar als een verlengstuk van je eigen ziel. De weg naar de perfecte vorm loopt door een dal van duizend herhalingen, en geloof me: het uitzicht op de top is elke slag meer dan waard!
1 Opmerking

De glazen tuin van Cartier: waar de vorm altijd in beweging is

11/5/2026

0 Opmerkingen

 
Na die prachtige vrijdag in de Marais, was onze zaterdag in Parijs gereserveerd voor de Fondation Cartier pour l'art contemporain. Deze plek is voor ons als beeldhouwers een constante bron van fascinatie, niet alleen om wat er binnen de muren te zien is, maar vooral om hoe de kunst daar "ademt".
Het wonder van Jean Nouvel: een gebouw dat danst
Voordat je überhaupt een stap binnen zet, word je al gegrepen door het bijzondere gebouw aan de Boulevard Raspail. Architect Jean Nouvel heeft hier iets unieks neergezet: een constructie van glas en staal die bijna lijkt op te lossen in de omliggende tuin. Voor ons, die elke dag met de massieve zwaarte van steen werken, is die transparantie een prachtig contrast.
​

Wat dit gebouw voor een curator — en voor ons als toeschouwers — zo spectaculair maakt, is dat het meebeweegt. Nouvel heeft het zo ontworpen dat de vloeren van hoogte kunnen wisselen. De ruimte is dus nooit statisch; het gebouw past zich aan de kunstwerken aan in plaats van andersom. Dat geeft een gevoel van enorme vrijheid en dynamiek, alsof de architectuur zelf een levend organisme is.
cartier museum
cartier museum expositie
De scenografische geschiedenis van een koopmanspaleis
De huidige tentoonstelling, Exposition Générale, ontleent haar naam aan een fascinerende geschiedenis die teruggaat tot het einde van de 19e eeuw. De expositie eert de traditie van het warenhuis Grands Magasins du Louvre, gevestigd in het Haussmann-gebouw dat ooit werd gebouwd voor de allereerste Wereldtentoonstelling in 1855. Door de jaren heen heeft dit bouwwerk zich voortdurend opnieuw uitgevonden: van een luxueus Grand Hotel naar een "koopmanspaleis" waar men handelswaar bezocht zoals men een museum bezoekt. Deze evolutie weerspiegelt een ware scenografische geschiedenis; de transformatie van commerciële zalen naar het latere Louvre des Antiquaires creëerde een aaneengesloten reeks vitrines die bijdroegen aan de democratisering van kunst en cultuur. Het is een geschiedenis van het samenbrengen van objecten uit alle lagen van de bevolking, een filosofie van verzamelen die vandaag de dag nog steeds de kern vormt van de Fondation Cartier.
Exposition Générale: een dialoog door de tijd
In deze context is de expositie opnieuw 'gecomponeerd' door de befaamde curator Jean de Loisy. In plaats van een chronologische volgorde, is er gekozen voor een thematische en bijna poëtische ordening. Wat deze expositie zo diepgaand maakt, is de dialoog tussen kunstwerken die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben, maar door hun plaatsing in de ruimte een nieuw verhaal vertellen. Voor een neurodivers brein is deze opzet een zintuiglijke ontdekkingstocht; de tentoonstelling vraagt niet om een lineaire route, maar nodigt uit tot dwalen en het leggen van eigen, creatieve verbanden tussen de getoonde objecten.

Het ruimtelijke ontwerp, bedacht door de innovatieve studio Formafantasma, brengt deze historische dimensie op een hypermoderne manier tot leven. Hun installatie maakt het "tentoonstellingsapparaat" zichtbaar en herinterpreteert de experimentele sfeer van de vroege commerciële evenementen. Formafantasma ontwierp een driedimensionale structuur die slim inspeelt op de dynamische architectuur van Nouvel, waarbij optimaal gebruik wordt gemaakt van de wisselende hoogtes en zichtlijnen. Met modulaire textielconstructies op aluminium profielen worden bezoekers langs de kunstwerken geleid, wat de verbinding tussen het historische erfgoed en de moderne architectuur op een bijna tastbare manier herstelt.
The Living Museum of Fashion: mode als sculptuur
Wat onze zaterdagmiddag echt onvergetelijk maakte, was de performance van Olivier Saillard: The Living Museum of Fashion. Het was werkelijk een van de meest indrukwekkende momenten van ons bezoek. De kledingstukken werden niet alleen gedragen, ze werden gepresenteerd als kostbare artefacten. Soms hielden de modellen een vintage japon voor zich uit alsof het een schild was, of bewogen ze hun armen op een manier die de specifieke snit en de zwaarte van de stof accentueerde. Deze verstilde omgang met materiaal raakte ons diep; het deed ons denken aan de tederheid en precisie waarmee wij een pas gepolijst marmeren beeld aanraken.
The Living Museum of Fashion mode expositie
Waarom dit ons raakt als beeldhouwers
De Fondation Cartier herinnert ons eraan dat kunst een dialoog is. Of het nu gaat om de flexibele vloeren van Nouvel, de gewaagde keuzes van De Loisy of de manier waarop Saillard mode tot een performance maakt: alles draait om durven vervormen en het zoeken naar een nieuwe taal. Het daagt ons uit om in het atelier in Leiden niet alleen te denken in het blok steen voor ons, maar ook in de ruimte en de beweging daaromheen.

Het bezoek aan de Fondation Cartier voelde als een artistieke adempauze, een plek waar de tijd even vloeibaar werd tussen het glas van Nouvel en de geschiedenis van het gebouw. Als je, net als wij, leeft voor de hartslag van moderne en hedendaagse kunst, dan is dit een bedevaartsoord dat je simpelweg niet mag overslaan. Het is een plek die je niet alleen bezoekt, maar die je ondergaat; een herinnering aan het feit dat kunst altijd in beweging is, altijd bevraagt en altijd de ruimte opeist die het verdient. Of je nu kiest voor de verstilde dynamiek aan de Boulevard Raspail of een van de andere indrukwekkende vestigingen wereldwijd bezoekt, de Fondation Cartier laat een vonk achter in je creatieve geest die nog lang na het verlaten van de glazen tuin blijft gloeien.
Over de Fondation Cartier
De Fondation Cartier is een pionier op het gebied van kunstmecenaat. Naast het iconische gebouw van Jean Nouvel in het 14e arrondissement van Parijs, breidt de stichting haar horizon voortdurend uit. Zo is er de indrukwekkende samenwerking met het Triennale Milano in Italië en zijn er regelmatig pop-up exposities en samenwerkingen in steden als Seoul en Shanghai. Elk van deze locaties deelt diezelfde filosofie: het bieden van een vrijplaats voor kunstenaars om te experimenteren buiten de gebaande paden van de traditionele museumwereld.
0 Opmerkingen

Kijken door de ogen van Picasso: van aardetinten tot ruimtelijke revolutie

6/5/2026

0 Opmerkingen

 
Op de vrijdag in Parijs strijken we neer in de Marais. Tussen de smalle straatjes en verborgen binnentuinen ligt het Hôtel Salé, een zeventiende-eeuws stadspaleis dat nu de thuisbasis is van de grootste collectie Picasso’s ter wereld. Het Musée Picasso is voor mij een plek van rust, maar ook van een enorme, bijna chaotische creatieve ontlading. Het is de plek waar je ziet hoe één man een heel tijdperk aan kunstgeschiedenis naar zijn hand zette.
De tastbare revolutie: het ruimtelijke werk
Wanneer we het over Picasso hebben, denken we vaak direct aan Guernica of de kubistische portretten. Maar als beeldhouwer in hart en nieren trekken zijn sculpturen mij misschien wel het meest aan. Picasso benaderde beeldhouwkunst niet zoals de klassieke meesters die een blok marmer te lijf gingen tot er een figuur verscheen. Hij assembleerde, hij speelde en hij daagde de materie uit.

Voor ons als beeldhouwers is Picasso’s werk een bron van bevrijding, vooral door zijn revolutionaire kijk op vervorming en assemblage. Picasso leerde ons dat een beeld niet hoeft voort te komen uit een massief blok, maar dat je de ruimte kunt "tekenen" met materiaal. Zijn assemblages — waarbij hij alledaagse objecten zoals een stuur, een spijker of een houten plank combineerde — braken de wetten van de klassieke beeldhouwkunst open. Hij liet zien dat de essentie van een vorm, zoals de ronding van een rug of de kracht van een stier, sterker overkomt door vervorming dan door een letterlijke kopie van de natuur.

Door proporties uit te rekken of vlakken te verschuiven, legde hij de innerlijke dynamiek van een lichaam bloot. In ons atelier herinnert dit ons eraan dat we de steen niet alleen moeten volgen, maar dat we de vorm mogen dwingen om een verhaal te vertellen dat verder gaat dan wat het oog direct ziet. Het daagt ons uit om buiten de gebaande paden van de anatomie te treden en de expressie van de materie te laten spreken, of dat nu in abstractie is of in de rauwe assemblage van losse ideeën.
Van de eerste lijn tot het doek: de schetsen en schilderijen
Het mooie aan dit specifieke museum is dat het de persoonlijke nalatenschap van Picasso is. Hij bewaarde alles. Dat betekent dat we niet alleen naar de voltooide meesterwerken kijken, maar ook naar de duizenden schetsen en voorstudies die eraan voorafgingen.

De schetsen zijn voor mij de plek waar je zijn neurodiverse brein bijna voelt flitsen. Je ziet de snelheid, de herhaling, het obsessief zoeken naar de juiste lijn. In een eenvoudige potloodtekening zie je vaak meer van de meester dan in een groot olieverfschilderij. Het is de essentie, de pure beweging van de hand. In boeken zoals Het succes en de mislukking van Picasso van John Berger wordt die enorme dadendrang prachtig geanalyseerd. Berger beschrijft hoe Picasso’s werk een voortdurende dialoog is met de geschiedenis en met zichzelf.
De volledige breedte
Het Musée Picasso laat zijn leven zien door middel van verschillende diepgaande periodes. 
De Blauwe Periode vormt een van de meest melancholische hoofdstukken uit zijn oeuvre. Tussen 1901 en 1904 hulde Picasso zijn wereld in koude, monochrome tinten blauw en blauwgroen, diep beïnvloed door de zelfmoord van zijn goede vriend Carlos Casagemas. Het is een periode van verstilling en zwaarte, waarin hij de schaduwkant van het leven — armoede, eenzaamheid en ouderdom — op een bijna verstikkende manier tastbaar maakte. De figuren zijn uitgerekt en breekbaar, wat een enorme emotionele diepgang geeft die je in het museum echt naar de keel grijpt.

Kort daarna vloeide zijn werk over in de Roze Periode, waarin de kou van het blauw plaatsmaakte voor warmere tinten zoals terracotta, roze en zachte roodtinten. Deze verschuiving werd mede ingegeven door zijn relatie met Fernande Olivier en zijn fascinatie voor de wereld van het circus en de komedianten. Hoewel de personages nog steeds een zekere gereserveerdheid uitstralen, voelt het werk lichter en menselijker aan. Het is de fase waarin hij de lijnvoering begon te verzachten, nog voordat hij de hele visuele wereld rigoureus zou gaan afbreken.

Het kubisme is misschien wel de meest radicale breuk met de traditie die de kunstgeschiedenis kent. Picasso begon de werkelijkheid te ontleden in geometrische vormen en verschillende perspectieven tegelijkertijd te tonen. In het museum zie je prachtig hoe hij de driedimensionale wereld plat sloeg op het doek, om vervolgens vanuit elke hoek naar een gezicht of een object te kijken. Het is een intellectuele uitdaging die de kijker dwingt om niet alleen te kijken, maar de beelden in het hoofd opnieuw te construeren. Het breekt met de illusie van diepte en geeft ons een nieuwe, gefragmenteerde waarheid.
Van een rustig palet naar kinderlijke verwondering
Hoewel velen Picasso associëren met felle, bijna primaire kleuren, is er een cruciale fase waarin hij juist koos voor aardetinten en een zeer beperkt palet. Dit gebeurde vooral tijdens het analytisch kubisme, rond 1910-1912. Hij gebruikte toen bewust oker, bruin, grijs en zwarte tinten om de kijker niet af te leiden met emotionele kleuren. De focus moest volledig liggen op de structuur, de vorm en het volume van het object. Door te werken in deze aardse kleuren kon hij de diepte en de onderlinge relatie tussen vlakken veel scherper analyseren. Het was een bijna wetenschappelijke benadering van kunst, waarbij de kleur ondergeschikt werd gemaakt aan de architectuur van het beeld.

schilderijen kleur picasso
In zijn latere jaren zie je een explosie van snelheid en schijnbare eenvoud. Picasso had op dat moment niets meer te bewijzen en schilderde met een bijna kinderlijke drift en directheid. Deze werken worden vaak gekenmerkt door dikke verflagen en een enorme energie, waarbij hij soms meerdere doeken op een dag voltooide. Het is de ultieme uiting van een geest die tot het allerlaatste moment weigerde stil te staan. De trefzekerheid waarmee hij met slechts een paar lijnen een heel karakter neerzette, is een bewijs van de ongekende ervaring die hij in tachtig jaar had opgebouwd.
​

De rust van het museum vormt een prachtig contrast met de dynamiek van de kunst. Je kunt er uren dwalen zonder de hectiek van het Louvre of Orsay. Het nodigt uit om zelf je schetsboek te pakken en de lijnen die hij ooit zette, met je eigen ogen en hand te volgen.
0 Opmerkingen
<<Vorige

    Simone van Olst

    Beeldhouwer, begeleider kunstenaars, museum lover, organisator culturele projecten, kunstlezingen, schrijver.

    Archief

    Juni 2026
    Mei 2026
    April 2026
    Maart 2026
    Februari 2026
    Januari 2026
    December 2025
    November 2025
    Oktober 2025
    September 2025
    Augustus 2025
    Juli 2025
    Juni 2025
    Mei 2025
    April 2025
    Maart 2025
    Februari 2025
    Januari 2025
    December 2024
    November 2024
    September 2024
    Februari 2022
    Januari 2022
    December 2021
    November 2021
    Oktober 2021
    September 2021
    Juni 2021
    December 2020
    November 2020
    Oktober 2020
    September 2020
    Oktober 2019
    Juni 2019
    Oktober 2018
    September 2018
    Juni 2018
    Mei 2018
    December 2016
    November 2016
    Oktober 2016
    September 2016
    Augustus 2016
    Juli 2016
    Juni 2016
    Mei 2016
    April 2016
    Maart 2016
    Februari 2016
    Januari 2016
    December 2015
    November 2015
    Oktober 2015
    September 2015
    Augustus 2015
    April 2015
    Maart 2015
    Januari 2015
    December 2014
    November 2014
    September 2014

    Categorie

    Alles
    Abstractie
    ADHD
    Albast
    Alex Sluimer
    Angst
    Balans
    Beelden
    Beeldhouwatelier Leiden
    Beeldhouwen
    Boeken
    Brein
    Chaos Schriftjes Methode
    Compositie
    Creatief Proces
    Creativiteit
    Denkwerk
    Diepte En Perspectief
    Divergent Denken
    Doe Het Zelf
    Emotionele Inhoud
    Energie
    Exposities
    Genieten
    Healing
    Hygge
    Innerlijke Rust
    Innovatie
    Inspiratie
    Kristal
    Kunst Leiden
    Kunstroute
    Lagom
    Leidse Kunstroute
    Marmer
    Mentale Rust
    Mindset
    Narratief
    Negatieve Ruimte
    Overvloed
    Persoonlijke Groei
    Persoonlijke Ontwikkeling
    Productieviteits Druk
    Productiviteit
    Psycologie
    Rust
    SamStone
    Schilderkunst
    Sculptuur
    Simone Van Olst
    Slaap
    Slapen
    Speksteen
    Steenbeeldhouwen
    Steensoorten
    Tentoonstelling
    Textuur
    Veerkracht
    Vertouwen
    Waxinelichtje
    Workshop
    Zelfliefde

    RSS-feed


​Neem contact op of kom langs:


Foto

atelier

Kenauweg 17a
​

2331 BA Leiden
​
Openingstijden

CONTACT

Telefoon:
​06-285 68 997
​
Mail:
[email protected]

bedrijfsgegevens

KVK nummer:
​57186820
​
Btw identificatienummer: NL001980586B04

PRIVACY

Privacyverklaring

Cookieverklaring
​

Algemene voorwaarden