Het verschil tussen denken en doen in het atelier is geen scheidingslijn, maar een complexe architectuur van de geest. Mijn naam is Simone van Olst, en in dit uitgebreide blog gaan we onderzoeken waarom we als maatschappij zo geobsedeerd zijn door de actie, en waarom het voorproces van inspiratie en vormstudie niet slechts een 'extraatje' is, maar de fundering van elk meesterlijk beeld. We duiken in de neuropsychologie en de kunsttheorie om te begrijpen waarom je beitel pas echt scherp wordt als je eerst je gedachten slijpt.
Waarom denken we dat beeldhouwen vooral 'doen' is? Dit heeft alles te maken met onze moderne fixatie op resultaat en zichtbare arbeid.
| In een wereld die wordt gedomineerd door snelheid en meetbare output, wordt 'denken' of 'kijken' vaak verward met nietsdoen. We zien de beeldhouwer in documentaires altijd in actie: vonken die van de slijpmachine vliegen, zweet op het voorhoofd, de dramatische onthulling van een vorm. We zien echter zelden de uren van stilte, de honderden schetsen in het chaos-schriftje of de mislukte kleimodellen die in de prullenbak verdwijnen. Academisch gezien kunnen we dit verklaren vanuit de 'action bias'. Dit is een cognitieve neiging waarbij mensen de voorkeur geven aan actie boven inactiviteit, zelfs als er geen bewijs is dat actie tot een beter resultaat leidt. In het atelier vertaalt zich dit naar de drang om direct in die kostbare steen te hakken. Maar zonder het voorproces van denken en observeren is die actie vaak niet meer dan 'paniekvoetbal in steen'. Je bent dan niet aan het creëren, maar aan het reageren op de grillen van het materiaal, zonder dat je een innerlijk kompas hebt om je te leiden. |
Het verzamelen van inspiratie en het uitvoeren van vormstudies zijn in feite oefeningen in het opbouwen van een mentaal model. Voordat je handen een vorm kunnen maken, moet je brein die vorm kunnen 'lezen'. Dit proces vindt plaats in de visuele cortex en de posterieure pariëtale cortex, de gebieden die verantwoordelijk zijn voor ons ruimtelijk inzicht en de transformatie van 2D-beelden naar 3D-concepten.
Wanneer je urenlang inspiratie verzamelt — of dat nu in een museum is, in de natuur of door te bladeren in boeken — ben je je 'creatieve databank' aan het voeden. Je slaat patronen, texturen en structuren op. In de psychologie noemen we dit 'perceptual learning'. Door herhaaldelijk te kijken naar de manier waarop licht over een golvend oppervlak van albast glijdt, train je je hersenen om die nuances te herkennen. Als je daarna voor je eigen steen staat, 'ziet' je brein mogelijkheden die een ongetraind oog volledig mist. Het voorproces is dus geen uitstel van het werk; het is de noodzakelijke upgrade van je visuele hardware.
| Vormstudie: het temmen van de abstractie Waarom is die vormstudie in klei of op papier zo essentieel? Hier komt de theorie van 'embodied cognition' om de hoek kijken. Deze theorie stelt dat ons denken niet alleen in ons hoofd plaatsvindt, maar nauw verbonden is met de motorische ervaringen van ons lichaam. Wanneer je een vorm eerst in klei kneedt, 'begrijpen' je handen de volumes, de zwaartepunten en de overgangen. Je brein programmeert de beweging die straks in de steen nodig is. In de atelierruimte aan de Kenauweg zien we dat cursisten die het voorproces overslaan, vaak vastlopen in wat ik 'conceptuele blindheid' noem. Ze weten wel wat ze willen maken (bijvoorbeeld een torso), maar ze hebben de overgangen tussen de volumes niet doorleefd. Ze vechten tegen de steen omdat ze de architectuur van de vorm niet begrijpen. Vormstudie is het proces van het 'foutloos falen'. |
Het verschil tussen denken en doen is in de praktijk een constante wisselwerking. De filosoof Donald Schön spreekt over 'reflection-in-action'. Dit is het vermogen van een vakman om tijdens de uitvoering constant te reflecteren op wat hij doet. Je doet een slag (doen), je ziet het resultaat (waarnemen), je evalueert of dit past in je mentale model (denken) en je past je volgende slag aan (doen).
Een blokkade of een mislukt beeld ontstaat bijna altijd wanneer deze cyclus wordt onderbroken. De 'doener' raakt verstrikt in de techniek en vergeet te kijken. De 'denker' blijft steken in de analyse en durft de beitel niet aan te zetten. In de ideale staat van het atelier vloeien denken en doen in elkaar over tot een staat van flow. Maar die flow is alleen bereikbaar als het denkwerk — de inspiratie, de anatomische studie, het begrip van de massa — zo diep verankerd is dat het een intuïtie is geworden.
| De waarde van de vertraging Iedereen denkt dat beeldhouwen 'doen' is, omdat we de waarde van de vertraging uit het oog zijn verloren. We verwarren fysieke activiteit met vooruitgang. Maar aan de Kenauweg leren we je dat de tijd die je zittend voor je steen doorbrengt, met een schetsboek op schoot en een kop thee in je hand, net zo productief is als de tijd dat het stof om je oren vliegt. In die stilte vindt de werkelijke conceptontwikkeling plaats. Daar worden de 'baguettes' en de architecturale assen van je beeld geboren. De winst van het voorproces is een dieper materiaalgevoel en een authentiekere vormtaal. Je maakt dan geen kopie van een plaatje uit een boek, maar je geeft vorm aan een doorleefd inzicht. Dat is het verschil tussen een ambachtelijk product en een kunstwerk. De voldoening die we in een voltooid beeld van albast voelen, is niets anders dan de gestolde aandacht van de maker gedurende het hele proces — inclusief de uren waarin er 'niets' leek te gebeuren. |
Beeldhouwen is de fysieke manifestatie van een mentaal proces. Het 'doen' is slechts de laatste fase van een lange reis die begint bij een vage fascinatie en via gedisciplineerde vormstudie leidt naar de steen. Door het voorproces te eren, geef je jezelf de ruimte om te groeien als kunstenaar. Je bent niet langer een slaaf van de toevalligheid, maar de regisseur van de vorm.
Wil je meer weten over hoe je brein aangezet kan worden om op allerlei manieren inspiratie te 'vangen'? Meld je dan nu aan voor onze masterclass Schets naar Beeld, waarin je je twee dagen volledig onderdompelt in het creatieve proces vóór je steen aanraakt!
Mijn persoonlijke gedachte is dat we de moed moeten hebben om de 'leegte' van het voorproces te omarmen. Wees niet bang voor de uren dat er geen steen verdwijnt. Die uren zijn de kraamkamer van je visie. Dus de volgende keer dat je bij je bok staat en de drang voelt om direct te gaan hakken: stop. Pak je 'chaos schriftje'. Kijk. Teken. Kneed. En besef dat je op dat moment misschien wel het belangrijkste werk van de dag aan het verrichten bent. De steen wacht wel. Hij heeft miljoenen jaren gewacht; hij kan die paar extra uren van jouw bezinning er ook nog wel bij hebben.
RSS-feed